Besuch in Mittelerde und Carolas letzter Teil des Reiseberichts

Heute hab ich, meinem schlechten Gewissen zum trotz, die Herr der Ringe Tour gemacht. Rita hatte so dermaßen davon geschwärmt und mein erster Versuch am Mt. Victoria die Locations zu finden war ja auch eher ein Fehlschlag. Dabei war ich genau dort…. Aber später davon mehr.

Nach meinem Bericht folgt noch Carolas letzter Teil von ihrem Bericht.

Rover Ringtours – ein Tag in Mittelerde

In der früh um 6.30 werde ich aus meinen Träumen geschreckt, oder schrecken die Träume mich wach? Wie auch immer. Ich hangel mich aus dem Bett, schliießlich soll ich  um 8.45 Uhr abgeholt werden. Dann kann ich auch gleich aufstehen und duschen.
Um 8.30 uhr stelle ich mich draußen hin. Nachdem es bei den Touren tatsächlich Abweichungen nach vorne und hinten gibt, bin ich lieber früher da. Und es zahlt sich aus. Keine 5 Minuten später hält ein kleiner weißer Bus neben mir. Jack der heutige Guide begrüßt mich, fragt mich wo aus den Niederlanden ich denn nu herkomm. Häh? Niederlande? Ich komm aus Deutschland – aber ich kann Niederländisch. Er kann das auch, er ist dort geboren. Dann stellt er mir die Mitfahrer vor. Zwei Kids (etwa 10-12) die sich als sein Sohn und seine Nichte entpuppen und ein Kanadisches Paar. Wir fahren nochmal quer durch Wellington und in der zwischenzeit labert Jack nahezu pausenlos. Aber nicht nervig sondern sehr witzig, Szenen die er benennt belegt er mit einem eigenen Text. Das letzte Paar ist aus den Niederlanden.

Wir fahren zunächst zum Mt Victoria Lookout. Nachdem das Wetter noch immer trübe ist, verzichte ich auf weitere Wellington grau in grau Bilder. Dann gehen wir in den Wellington Townbelt. Wo wir erst mal rumspazieren. Die erste Stelle ist die, wo die vier Hobbits den Hügel runterpurzeln. Ohne das entsprechende Filmbild hätte ich das nicht erkannt, genausowenig wie die Stelle wo die Hobbits unter dem Baum kauern, aber das ist nicht verwunderlich, denn der Baum ist gar nicht da. Dafür ist ein anderer Baum da, derjenige welche auf dem Frodo seine Pfeife raucht, wobei ich mir bei genauerer Betrachtung nicht sicher bin. Leider ist der nicht wirklich bekletterbar, das wäre ein Foto gewesen, dass ich gerne nachgestellt hätte. Es gab für die Szene eine Plattform, sonst hätte es nochmal purzelnde Hobbits gegeben. Die “get of the road” szene stellen wir fürs Foto nach.

Dann gehen wir weiter. wir gelangen an einen langen steilen Pfad. Dort haben sie die Flucht der Hobbits vor dem Schwarzen Reiter gefilmt. Sie durften die Szene gleich 30 mal machen. Hey 30 mal, die armen Kerle, die Straße ist recht steil. Und der Grund, dass man Sam nicht sieht, ist der, dass er Fett bleiben musste. Sean Astin hatte für die Rolle des Sam 15 kg zugelegt, die sollte er nicht am ersten Drehtag wieder wegarbeiten.

Dann fahren wir weiter.Zur Miramar Halbinsel, dort gibt  es einen Imbiss/Kaffee im Chocolate Fish Cafe. Dann fahren wir an den Häusern vorbei, die von den Stars bewohnt worden sind, und an Peter Jacksons (Wohn)Haus. Zum Weta Workshop wo man Lurtz im Fenster stehen sehen kann. Und an den Studios vorbei, wo man nicht viel sieht. Ausser auf einigen Hinterhöfen. Da steht die überlebensgroße Gollumsfigur, die das Embassy verziert hat, und ein paar Katapulte. Wir werfen einen Blick auf den Parkplatz der die Dead Marshes Dargestellt hat.In einem Weiteren Hinterhof liegen Baumstücke und wir können einen Troll hinter einem Truck sehen.

Dann fahren wir nach Helms Deep/ Minas Tirith: Beide Sets wurden in einem Steinbruch errichtet. Zunächst Helms Deep und anschließend Minas Tirirth. Der Steinbruch ist leider nicht zugänglich. Aber man kann von draußen reingucken. Sehen tut man nix. Wieder helfen die Fotos.
Anschließend geht es nach Rivendell. Der Ort wurde tatsächlich nach den Filmen umbenannt. Wir machen ein Picknick. Es gibt dort eine Hängebrücke und noch ein Set, dass nicht so bekannt ist. Es handelt sich um die Stelle wo die Reiter von Rohan gegen die Orks kämpfen und Theodred Theodens Sohn verletzt wird. Der Rest is Bruchtal. Naja Bäume halt. Weil nix mehr da ist. Sehr viel Einbildung die wieder mit Fotos unterstützt wird. Und nochmal Bilder um Legolas nachzustellen. Die Promobilder von ihm wurden hier gemacht.

Dann gehts nach Isengard auch hier wieder viel Einbildung. Denn die wie so vieles wurde auch hier Patchwork gemacht. Wobei man die Stelle von Sarumans und Gandalfs Gespräch gut nachvollziehen kann. Hier wurden auch die Bäume “gefällt”. Und schon verlassen wir Isengard um zum Anduin zu fahren. Jetzt hab ich dann doch alle Flüsse gesehen.

Das klingt jetzt alles recht kurz. Aber zwischendrin sind unheimlich viele Nebeninformationen rübergekommen. Hinweise auf andere Filme von Peter Jackson etc. Einige unheimliche Filmnerdgespräche. Über Soundeffekte etc. Sehr sehr cool. Wobei ich halt vieles selbst schon wusste.

Fotos folgen.

Und hier folgt auch noch Carolas Bericht:

Zondag 14 januari 2007 Otorohanga – Hobbiton (Matamata) – Whitianga

 

Vannacht heeft het een beetje erg geregend. Terwijl ik gisterenavond mijn bloes en bikini op de lijn had gehangen – buiten uiteraard. Gelukkig schijnt vanochtend de zon en blijken de spullen al veel droger dan ik op basis van het nachtgeluid zou hebben ingeschat. Het gaat allemaal de auto weer in, en we vervolgen onze weg naar het noorden.

Anita heeft blijkbaar wat andere mensen horen praten over “the Shire” en kijkt waar Matamata, de plek waar Hobbiton uit de film is gedraaid, eigenlijk precies ligt. Dat blijkt met een paar km omweg gewoon op onze route te liggen. Omdat we gisteren al veel verder noordelijk zijn uitgekomen dan we hadden gedacht, hebben we daar ook gewoon tijd voor. We gokken het erop en rijden naar Matamata, waar we al worden verwelkomd door borden met “welcome to Hobbiton”. Bij de i-site boeken we een tour die over een half uur zal vertrekken. Het is warm. Echt zomer. Voor het eerst denk ik er echt over na waar ik de auto parkeer – in de schaduw, zeg maar.

Onze groep bestaat uit ca. 15-20 mensen en in de bus worden we al helemaal doodgegooid met feiten over de locatie. Blij dat ik de film heb gezien!!!

De filmlocatie blijkt de enige in NZ waar de set nog grotendeels zichtbaar is. Dit heeft ermee te maken dat de opruimers werden verrast door slecht weer en de afbouw een half jaar stillag. In die tijd werden de boeren van wie het land is vaak gevraagd door fans of ze de locatie mochten bekijken. Na heel wat gedoe kregen ze voor elkaar dat ze er nu touren mogen organiseren. De guides blijken allemaal die-hard fans, ze kennen elke scène uit het boek en de film en kunnen dus ook elke nerd-vraag beantwoorden. En de nerd-vragen komen. Anita doet lekker mee en ik vraag me af waar ik terecht ben gekomen.

Maar toegegeven, het is erg leuk om de “party-tree” te zien en de Hobbit-huisjes, en ze hebben erg goed hun best gedaan om te laten zien waar de delen stonden die al wel waren afgebroken (met piketpaaltjes, en foto’s uit de film). Anita geniet.

De tocht duurt zeker 2 uur en is mede gezien het weer een succes.

Weinig zin om die auto weer in te stappen maar gelukkig staat ie nog steeds in de schaduw…

De reis naar Whitianga gaat verder door mooi landschap en uiteraard gaat het ook nog weer regenen tussendoor (op de ene pas waar we over moeten). Maar gelukkig schijnt aan de andere kant ook weer de zon. Bij het inchecken bij het hostel “backpackers on the beach hostel” dat echt on the beach is, staat Heike achter ons. Heike, die we in Te Anau bij Rosies Backpackers hebben ontmoet en waar we nog mee naar de bios waren geweest. Ja, de backpackerswereld in NZ is klein.

Helaas is er geen sprake van gezellig samen koken, het hostel bestaat uit verschillende huisjes en deze hebben allemaal een eigen keuken. Verder is het wel weer een mooi hostel, we hebben een keurige twee-persoonskamer met uitzicht op zee. Na het eten wandelen we nog even over het strand naar het dorpje toe. Het is echt zomer. Terwijl ik wacht dat ik naar huis kan bellen, zit ik nog met Heike buiten. In een T-shirt. Heerlijk.

 

Maandag 15 januari 2007 Hot Water Beach en kajakken

Deze keer hebben we goed opgelet wanneer het tij goed is! We gaan naar de Hot Water Beach en daar kan je alleen maar van één uur voor laagtij tot één uur na laagtij een poeltje in het zand graven dat zich dan vult met heet water en dat je kan aanvullen met koeler zeewater.

Tot zover de theorie. We komen op het strand met onze bij het hostel geleende schepjes, en de zee is erg ruig. O o en we gingen vanmiddag kajakken…

We zijn niet de enigen die een warm poeltje wel zien zitten en al gauw staan we met allemaal mensen om ons heen te scheppen. In onze poel alleen koud water. Oke, dan maar iets dichter bij die rotsen. Weer alleen koud water. Leerpuntje: werp een dijkje op richting de zee (hij was ruig). Nog dichter bij, die anderen hebben verdorie wel een warme bron gevonden… Weer koud water. We mogen even voelen hoe warm het op sommige plekken is. Wow, HEET. Maar onze poel – blijft koud. Twee Engelsmannen komen onze poel mee uitgraven. Uiteindelijk kiezen we ervoor om een dijkje door te breken zodat we mee kunnen genieten van het warme water van de buren. De aanvankelijke strijd voor een eigen plekje slaat om naar een soort van gezamenlijk gevoel. Iedereen in een grote poel, waar het op sommige plekken wel errug heet is…

Maar het tij is onverbiddelijk, na 2 uur is de pret weer over. Het is gelukkig wel erg warm weer en we gaan nog even op het strand opdrogen. Heerlijk.

Dan naar Hahei, waar we nog een keer zullen kajakken. We hebben vanochtend nog even gebeld en toen wisten ze nog niet zeker of het door zou gaan, omdat de golven zo hoog zijn. We weten dus niks zeker, maar gaan maar alvast naar het strand waar we straks moeten zijn. Lunchen in de zon, liggen nog even lekker in de zon.

 

En ja, het kajakken gaat door. Of we er problemen mee hebben dat de golven een beetje hoog zijn – het is hun verantwoordelijkheid om ons uit het water te krijgen als we omslaan… hmm, klinkt niet echt fijn, maar ach, na de Cook Strait Crossing en het walvisbootje moet dit ook kunnen. We slaan gewoon niet om, toch?

Ik betaal met credit card op het strand, ook een nieuwe ervaring. Dan krijgen we weer een instructie voor de kajaks en mogen we ons weer in van die leuke rokjes hijsen. We blijken veel ervaring te hebben in vergelijking met sommige anderen uit onze groep – we hebben al een keer gekajakt! Blij dat dit niet onze eerste keer is – denk ik met de zoveelste wantrouwende blik richting golven.

We mogen toekijken hoe ze een andere groep door die golven heen de zee opkrijgen. Het blijkt niet zo erg te zijn als ik dacht. Ze wachten keurig tot er even geen omslaande golf komt, dan duwen ze je zo ver mogelijk door de branding en dan moet je gewoon heel hard peddelen. Verder buiten is de zee veel rustiger. JA, dit kunnen wij ook – en ja, dat kunnen wij. Binnen de kortste keren peddelen we op een eiland ver weg af. Ondanks dat wij ook deze keer weer de enige boot met unisex vrouwenbezetting zijn, peddelen we deze keer niet in de achterhoede. Ja, ervaring he.

Eenmaal bij het eiland aangekomen lijkt het alsof we bijna op open zee zijn. Pff, toch een beetje eng. Maar dat valt allemaal best mee. We peddelen om het eiland heen, richting het strand waar de “Cathedral Cove” is. De landing door de branding heen is weer spannend. Onze boot wordt als laatste binnengehaald, dus we krijgen ruim de tijd om te bestuderen hoe een aantal stoere mannen enorm zwaar moeten werken om de bootjes op te vangen en door de branding heen te trekken. Maar ook dit gaat weer helemaal naar wens. We pellen ons uit de zwemvesten en mogen een stukje rondkijken, dan bereidt onze gids even wat warme dranken voor.

We hebben gehoord dat er ergens een toilet is, dat we vooral even voor zoetwater willen bezoeken, om onze brillen schoon te maken. Het toilet vinden we niet, wel een enorm hoge waterval, ook goed.

Terug bij onze bootjes ligt er een picknickdeken, heeft onze gids melk warmgemaakt en mogen we kiezen: cappuchino, cafe latte, warme chocolademelk, gewone koffie of thee. Wat een luxe! De chocolademelk komt inclusief Marshmellow, helemaal compleet en de cappuchino’s zijn helemaal af met wat cacaopoeder. Wow.

Dan gaan we helaas alweer terug. Weer door de branding eruit, ook dat gaat nu weer goed, en binnen de korste keren zijn we weer bij het strand waar we waren begonnen. Yes, helemaal zonder kopje onder. Wel helemaal onder het zout. Blij dat het zo’n 26 graden is en het water ook zo’n 20 graden warm is.

 

’s Avonds gaan we voor fish ‘n’ chips. Geen zin in koken. Daarna drinken we nog een wijntje met Heike en Gudrun, een andere Duitse vrouw die Heike ook al uit een ander hostel kende. Op een terrasje nemen we allemaal een andere soort witte wijn, en eensgezind kiezen we allemaal een stukje brie met aardbeien en basilicum erbij. Wat een heerlijke wijze om mijn laatste avond hier door te brengen.

 

Dinsdag 16 januari 2007 Whitianga – Coromandel Town – Auckland. De laatste dag

We moeten vroeg op, en ik moet er ook nog eens voor zorgen dat alles goed is ingepakt, want vanavond moet het alweer in het vliegtuig. Helaas is alles wat we gisterenavond buiten hadden opgehangen weer eens natgeregend, maar het is niet zo’n erge bui geweest blijkbaar, een paar uur op de achterbank moet genoeg zijn om dit weer droog te krijgen. Gelukkig maar.

We hebben om 10 uur een treintje geboekt in Coromandel Town. Dit is nog 45 km rijden en dat is hier dus zo’n 45 minuten over een schitterende kustweg.

Het treintje is een uit de hand gelopen hobby van een pottenbakker, die op dit terrein sinds 1973 bezig is om een treinspoor naar een uitzichtpunt te bouwen. Het hele treintje is volledig geschikt gemaakt om ook met kleine kinderen en gehandicapten en ouderen mee te kunnen. Papa zou dit geweldig vinden en hij zou nog mee kunnen ook.

Het treintje is afgeladen, het is maar goed dat we hebben gereserveerd. We rijden door aangeplant bos, over bruggetjes en door tunneltjes, moeten vijf keer keren en komen dan op het oude uitzichtpunt aan – niks voor Jancko: het keerpunt hangt boven de afgrond en er is maar op één kant van het treintje een platformpje. Gelukkig hoeven we hier niet uit te stappen, we rijden nog even verder en bovenaan is een huisje bij het platform, mooi uitzicht, hier mogen we wel uitstappen. De rolstoel van een heel oude dame is hier keurig mee naar boven gebracht en ze wordt geholpen met uit- en instappen. Na 10 minuten rijden we weer naar beneden. Al met al een tochtje van 1 uur, maar wat leuk!

 

Dan beginnen we aan onze laatste km’s. Weemoedig neem ik afscheid van dit land. Het mooie landschap is nog niet helemaal over, maar wordt op een gegeven moment toch weer stedelijk – helaas liggen vliegvelden altijd bij steden.

We zoeken nog een keer een internetcafé op, deze keer om de foto’s van de laatste dagen op elkaars USB-sticks te zetten, zodat we allebei alles meehebben, en om de adressen van Alfadealers in Auckland op te zoeken. Daar blijken we namelijk nog tijd voor te hebben. We hoeven er de stad niet eens helemaal voor in! Het eerste adres is helaas geen dealer, maar alleen een garage. Ik voel me er goed thuis, het lijkt een beetje op Romeo, onze garage in Nootdorp, maar geen folders daar. Moeten we toch nog verder de stad in. Gelukkig blijkt deze “continental car” dealer gespecialiseerd in Italiaanse auto’s. Ze hebben er fantastische nummerborden op de auto’s (“BRERA”, “ONE 59”, ALFA 147”.) dit zijn echte kentekens. Ik maak er foto’s van, heb een Alfashirtje aangetrokken en die methodiek lijkt te werken. Ik krijg van de medewerker zowel zijn laatste GT-folder alsook de laatste Spider-folder mee! Helemaal blij!

 

Dan rijden we naar het verhuurbedrijf, en laten ons door de verhuurmensen op het vliegveld afzetten. Daar staan we dan, met onze tassen. Na het betalen van de “vertrekpremie” check ik mijn tassen in. Oeps, de grote tas weegt 24 kg! Mag dat wel, vraag ik. Ja hoor, geen probleem, er wordt gewoon een labeltje aangehangen dat ie “heavy” is. Oke…

We eten bij de McDonalds, ja, je moet wat. Dan gaat Anita nog mee naar de tax-free winkels, dat kan hier gewoon. Ik koop nog even een parfum. Op het laatste nippertje, blijkt, want je kan maar tot een bepaalde tijd spullen kopen zodat ze dan bij de gate kunnen worden gebracht. Ik ben nog steeds op zoek naar een slabestek (tientallen keren in handen gehad, maar nog steeds niet gekocht) en dat vind ik nu natuurlijk niet meer. Plotseling wordt het toch nog stressen. Mijn vlucht is al opgeroepen en ik moet nu echt opschieten. Snel neem ik afscheid van Anita en ga ik door de paspoortcontrole. Verdorie, ben ik toch vergeten om mijn laatste muntjes bij Anita te droppen. Gelukkig kom ik een spaarpot voor goede doelen tegen…

Bij de gate krijg ik mijn parfum, niet vergeten om deze in San Francisco nog in mijn tas te stoppen! In het vliegtuig kijk ik de films van Lord of the Rings in sneltreinvaart nog een keer, in ieder geval de scenes van locaties die ik nu heb gezien.

 

In San Francisco krijg ik mijn tassen terug. Deze keer had ik mijn wandelschoenen niet schoongemaakt. Niet zo slim, want ook in Amerika doen ze moeilijk over aarde uit andere landen. Gelukkig hoef ik niet door de desinfectie als ze horen dat ik hier maar 3 uur blijf. Ik mag de tassen gelijk weer bij een balie inleveren, omdat ze al zijn doorgelabeld. Op het laatste nippertje denk ik eraan om het parfum nog over te hevelen. De resterende tijd op het vliegveld besteed ik in een winters zonnetje. Zo rook winter!

 

Woensdag 17 januari 2007 Schiphol

Mijn tas is er niet bij. De kleine tas wel, met de wijn, die de vluchten keurig heeft overleefd. Maar mijn grote tas, die met het parfum, en alle souvenirs, is pleitos. Na een uurtje mag ik hier aangifte van doen, en dan ga ik maar zonder tas naar huis.

 

Zondag 21 januari 2007 Delft

Na dagen wachten, checken op internet, bedenken wat er allemaal in die tas zat, is mijn tas op het vliegveld aangekomen! ’s Avonds blijkt dat 24 kg toch te veel was. De tas is finaal opengescheurd. De hele bodem ligt eruit. Ze hebben hem op San Francisco maar weer volgepropt, en helemaal rondgetaped. Als dank hebben ze mijn parfum gehouden, blijkt. En een blauw shirtje zal nog wel ergens op San Francisco liggen. Maar verder zit ALLES er nog in. Erg opgelucht. Nu kan ik pas echt nagenieten!